Door de Wakhan en over de Khargushpas naar de M41

Kronkelend en kolkend baant de Panj rivier zich tussen dramatisch verticale bergwanden. Aan de ene kant Afghanistan, aan de andere kant rammelen wij richting Khorogh, enigszins knikkebollend vanwege het absurd vroege tijdstip van vertrek. Ruim voor zonsopgang moesten we drie fietsen, alle bagage en onszelf op en in een oudere Pajero wurmen om zo snel mogelijk langs wegblokkades te komen vanwege wegwerkzaamheden over een lengte van zeker 120km. De Chinezen doen een poging om de niet voor de rivier onderdoende onstuimige weg te temmen. Nu onverhard, vaak niet breder dan een (vracht)auto, stijgend en dalend langs onvoorspelbare bochten moet dit een 12 meter brede verkeersader worden om Chinese goederen over een nieuw soort zijderoute naar de hunkerende consument te brengen. Bergen worden opgeblazen, rotsen en puin worden met graafmachines verspreid en in de rivier gegooid. Het toch al niet te beste wegdek is nu dan ook een bonte verzameling van los (stuif)zand, grote keien en schuivend puin. Wij nemen deel aan de dollemansrit waarbij iedereen wild inhalend alle beschikbare ruimte gebruikt om maar door de blokkades te komen.

Wachten bij een van de vele wegversperringen

Dit alles over een weg die vaak nog steeds niet meer dan 1 auto breed is, links de bergwand en rechts de afgrond. Ook zwaar vrachtvervoer baant zich een weg door deze chaos, hetgeen de situatie nog interessanter maakt. Voorspelbaar genoeg krijgen we een lekke band, die overigens door de chauffeur en zijn maat in no-time wordt vervangen door het reservewiel. Iets van de verloren tijd inhalen is niet mogelijk, want een paar bochten verder moeten we wachten totdat een vastgelopen vrachtwagen, letterlijk door een shovel van de weg moet worden geduwd. Door het rijgedrag ontstaan regelmatig opstoppingen. Uiteindelijk komen we toch uren vast te zitten voor afsluitingen.

Compenserende factor is dat de uitzichten fantastisch zijn, en licht surreëel is het feit dat je op sommige stukken bijna de hand kunt schudden van Afghanen in lemen huisjes aan de overkant. De volledig in niqab verhulde vrouwen verraden het grote contrast tussen de twee landen.

Na dertien uitputtende uren arriveren we in Khorogh bij de Pamir Lodge. Alles is onbeschrijfelijk stoffig en Albert’s fiets heeft ondanks onze voorzorgmaatregelen door overal petflessen als ‘stootkussens’ op de fietsen te tapen, helaas beschadigingen opgelopen. Niets fataals, wel erg zonde.

Onze tassen en de ‘stootkussens’

We boeken de Pamir Lodge in Khorogh voor 2 nachten. Het is een mooi gelegen hostel met koele kamers aan een veranda. Everhard is hier 6 jaar geleden ook geweest en was toen al enthousiast. De hostess en haar dochters spreken Engels en vormen een bron van informatie. We zijn moe en lamlendig van de reis, Everhard en Elma zijn nog niet geheel hersteld van de darmproblemen die nu al een dag of acht spelen en Ab heeft door hardnekkige kriebelhoest nachten aaneen niet geslapen, wat de mentale gezondheid ook zeker niet ten goede komt. Onze hostess maakt pizza’s voor ons, heerlijk en zelfgemaakt, zodat we niet zelf nog hoeven koken of de stad in moeten voor het diner. Morgen nemen we een rustdag en vandaag gaan we vroeg op bed!

De volgende dag blijkt Everhard zich helaas alleen maar slechter te zijn gaan voelen. Ab en Elma hebben geslapen, de darmen lijken redelijk onder controle en terwijl Everhard zijn bed weer opzoekt, fietsen zij Khorogh in. Na geld halen en supermarkten scouten voor survivalvoedsel en water, vinden ze naast het park een koffietentje waar je flat white en een goed stuk taart kan krijgen. Op het terras treffen ze de Britse Becky, die net uit de Pamir komt gefietst. Becky eet een gebakje mee en vertelt over haar tocht. Ze heeft een goede tip voor een app waarop de kampeerplekken, hostel en waterpunten staan aangegeven, i-overlander, en voegt onze nummers toe aan de whatsapp groep waarin ze zit: Zijde route/cycling East. In deze app zitten een kleine 1000 reizigers die zich ergens in Centraal-Azie bevinden. De app blijkt een bron voor zeer actuele informatie over de toestand van de weg, overstroomde rivieren, weersomstandigheden, reserveonderdelen en hoe een visum aan te vragen. Daarnaast zie je dat er veel meer fietsers dezelfde route afleggen als wij, maar dan net enkele dagen eerder of later. Het geeft een “wij” gevoel.

Vertrouwd gezicht

‘s Avonds en ook de volgende morgen gaat het niet beter met Everhard. De hostess wordt geraadpleegd en zij geeft aan dat ze met hem naar het ziekenhuis kan voor een infuus. Daarmee zou hij zich snel beter moeten gaan voelen. Everhard denkt na het ziekenhuisbezoek nog zeker een week nodig te hebben voor herstel. Ab en Elma besluiten om de Wakhan vallei langs de grens met Afghanistan te gaan fietsen.

De eerste 217 km van de Wakhan vallei is bewoond gebied met opties voor hostels, homestays of kamperen. Everhard heeft hier zes jaar geleden gefietst. Ook toen moest hij in Khorogh herstellen, inclusief een ziekenhuisbezoek. Ab en Elma denken daarom dat hij ook nu, mogelijk met nog wat rubberen benen, na een paar dagen de achtervolging in kan zetten of een door hem nog niet gefietste route kan nemen om elkaar later deze week weer te ontmoeten.

De eerste meters naar de Wakhan

De eerste kilometers vanuit Khorogh is de kloof met de Panj-rivier nog smal

Vrijdag 28 juli fietsen Ab en Elma Khorogh uit. De Panj-rivier blijft de leidraad, deze stroomt eerst nog door een smalle corridor van bergen. Na 52 km is de energie op en zoeken we een slaapplaats. In het dorp Vogz staat een homestay op de kaart aangegeven en via google translate vragen we een groepje oudere dames of ze weten waar deze homestay is. De oudste van het stel (minstens 80 jaar) pakt Elma bij de arm en beweegt haar richting kruising: hier naar beneden en daar de poort door, zegt ze, waarschijnlijk. De twijfel op het gezicht van Elma is zichtbaar en de oudere dame sommeert een “jonge” man ons onze bestemming te wijzen. De homestay blijkt ons graag te ontvangen en we krijgen onmiddellijk allerlei zoetigheden voorgeschoteld. In het huis leven vier generaties en iedereen komt ons even aanstaren en nieuwsgierig toekijken wat we zoals in de tassen hebben. Zodra de dochters van 15 en 21 doorhebben dat we een vertaal app hebben is het hek van de dam en krijgen we vragen over medicijnen voor de verkoudheid van oma en de baby, wat we eten en of het ook mogelijk is een visum voor hen te regelen om naar Nederland te komen. Alles heel vriendelijk, maar wel ongemakkelijk. De eetkamer wordt omgebouwd tot slaapkamer en met opa en oma aan de ene zijde en wij aan de andere zijde gaan we de nacht in. Het blijkt erg warm in huis en Albert hoest de hele nacht door, gebroken staan we ‘s morgens op.

Vier generaties

Na het vroege ontbijt, we krijgen allebei vier gebakken en vier gekookte eieren voorgeschoteld, waarvan we er acht vriendelijk weigeren, fietsen we richting Ishkashim. Vrij plotseling wordt de smalle corridor een vallei met een langzaam stromende rivier en her en der een groene oase. Tijdens onze de lunch stopt er een vrachtwagentje. De mannen lachen breed, een van hen springt uit de auto, trekt een bak vanille-ijs uit de koeling en geeft deze aan ons. Ze zwaaien nog eens vrolijk en weg zijn ze. Het ijs smaakt heerlijk!

Bij Ishkashim ligt een brug naar Afghanistan. Grote met sloten behangen hekken geven aan dat er geen uitwisseling van mensen of goederen plaatsvindt. In het dorp aangekomen hebben we geen energie meer om verder te fietsen al is het pas 14 uur. Op google maps kijken we of we van de hostels ook foto’s kunnen vinden, want zo authentiek als afgelopen nacht hoeft van ons voor vannacht even niet. We komen terecht in Ren Guesthouse, dat al onze verwachtingen overstijgt. Eigen kamer met tweepersoonsbed, westerse douche en toilet, schoon en het tienjarige zoontje babbelt ons in het Engels de oren van het hoofd. Naast ons zijn ook een Australische motorrijder en een stel uit Belarus met een fourwheeldrive hier te gast.

Samen met de motorrijder constateren we dat Tadzjikistan een typische “Type 2” bestemming is: waanzinnig mooi, absoluut een aanrader, maar je moet er wel het nodige fysiek en mentaal voor over hebben. Een andere mooie observatie uit zijn mond is “there’s nothing solid in this country”, veel verbeelding niet vereist.

Buiten in de tuin staat een voor Centraal Azie en Tadzjikistan typerend platform met kleden en kussens. Zittend en liggend hierop valt te genieten van een mooi uitzicht op de omliggende en met sneeuw bedekte bergen.

Ren guesthouse, een oase

De rust bevalt zo goed dat we besluiten dat een dagje bijslapen en niets doen geen kwaad kan.

Assistentie in een poging om van de hardnekkige kriebelhoest af te komen

31 juli stappen we weer op de fiets om de tocht te hervatten richting Bi Bi Fatima, een plaats met  hot springs en een door andere reizigers aangeraden homestay. De dag begint met een stevige klim, eerst nog over asfalt, maar al snel maakt dit plaats voor een onverharde weg. Everhard heeft vaak verteld over het fietsen door de Wakhan, en met name de klim uit de vallei naar de oude Russische M41 “snelweg”, de officiële naam van de Pamir Highway. Everhard’s uitspraak: ‘ik heb nog nooit zo veel gevloekt en getierd’ heeft ons enigszins voorbereid op de uitdaging. We ploegen 75km door los grind en over wasbord, zoekende langs de zijkanten van de weg naar iets beter begaanbare stukjes.

Wakhan

De uitzichten zijn fenomenaal, een beeldschone vallei met de daar doorheen stromende rivier en  uitzicht op imposante bergen. Af en toe fietsen we door een groene oase. Zelfs de hoge met sneeuw bedekte toppen van de Hindu Kush (letterlijk de ‘slachter van Hindus’) zijn in de verte zichtbaar. De telefoon wordt vaak getrokken om foto’s te maken, die echter geen recht kunnen doen aan het uitzonderlijke decor.

Wakhan

Bij de afslag richting Bi Bi Fatima komen we een Japanner met fiets tegen die tot het eind van de vallei is gefietst en op de terugweg is. Het wegdek werd hem te veel en hij is op zoek naar een lift. De schaarse bewoning en verkeer zorgt er voor dat hij al uren staat te wachten. Wij fietsen richting de homestay, helaas 1.5km omhoog over een hele steile weg. Enkele kinderen proberen ons te helpen door met de handjes op onze achtertassen mee te duwen.

Wakhan

Het is al aan het eind van de middag als we met de tong op de voorband arriveren bij de homestay. We besluiten de volgende morgen de hot springs te bezoeken. De homestay voorziet in een eigen kamer, en het gebruikelijke ontvangst met thee en zoetigheid naast de “sleep and two time food”. Akim, de naamgever van de homestay en heer des huizes, is met zijn zoon van 10 in de bergen op hertenjacht.

De volgende morgen rijden we in de auto van een kennis de resterende steile 7km naar de hot springs. Deze bestaat uit twee betonnen gebouwtjes waardoor het warme water wordt geleid. Mannen en vrouwen baden naakt, uiteraard gescheiden over de twee ruimtes. In de vrouwen sectie is een opening in de rots waar vrouwen in klimmen om te bidden voor vruchtbaarheid en nageslacht.

Vreemd genoeg wordt Albert in het mannen gedeelte geconfronteerd met een verzameling kinderen en vrouwen die luid krijsend gebaren dat hij niet binnen kan komen. Met de hulp van andere vrouwelijke bezoekers wordt hen verzocht zich te verplaatsen. Dit duurt echter zo lang dat niet veel tijd resteert om uitgebreid te badderen. Het is echter zo benauwd heet binnen, dat dit ook weer niet een heel groot gemis is. De vochtige lucht is wel aangenaam na de voortdurende hete droge stoffigheid.

De rit terug naar beneden voert langs pittoreske gesitueerde restanten van een fort, gelegen op een heuvel met een imposante backdrop van sneeuw bedekte bergtoppen.

fort op top van de heuvel

De ochtend is grotendeels voorbij, maar de resterende afstand tot het eind van de vallei bij Langar is nog “slechts” 40km over hetzelfde energie zuigende wegdek.

De gebruikelijke instant noodles lunch plus poging tot eten daarvan in de schaduw

In Langar checken we in in een hostel. We tillen de bagage omhoog naar een eigen kamer, en spoelen ons af onder de gedeelde douche. Ondertussen arriveren een Vlaams stel fietsers, een Italiaanse motorrijder en een stel Noren in een auto waarvan de vrouwen in Dushanbe wonen en Russisch spreken. De Vlamingen zijn in omgekeerde richting naar de Wakhan afgedaald. De wegen langs deze route zijn nog enige tandjes slechter dan in de vallei en bij hen zijn onderdelen van de fietstassen los gekomen en onderweg verloren. Ze wanhopen over het vervolg van de reis, wij proberen ze te helpen om de tassen zo goed en kwaad als het kan te herstellen om het resterende deel van de tocht naar Khorogh toch mogelijk te maken. Met tie wraps en ducttape komen we een eind.

Helaas blijkt ‘s nachts dat het bed van Albert bewoond is door bed bugs, hij wordt wakker van de jeuk en zit onder de bulten.

We bellen met Everhard om te overleggen wat we gaan doen. Tot ieders teleurstelling, niet het minst die van Everhard zelf, is hij nog steeds niet voldoende hersteld. Afgaande hierop besluiten we om via de Khargush Pas naar de M41 te fietsen, en terug te keren naar Khorogh.

Met enige vrees in de benen starten we de tocht om vanuit de Wakhanvallei richting de M41 te geraken. De komende 100km moeten we 1300 hoogtemeters klimmen naar de pas op 4310 meter. Er is geen bewoning en de wegen worden nog beduidend slechter. In de eerste helft voorzien stroompjes en riviertjes in water, we hebben voldoende proviand om de geschatte 4 dagen reistijd door te komen. Direct buiten het dorp Langar begint een beenspieren hamerende klim. De erg steile klim op 3000 meter hoogte over het onverharde wegdek zorgt voor letterlijk adembenemende momenten. Achterom kijkend volgen hele mooie uitzichten over de Wakhan die we achter ons laten. De stijgende en dalende weg volgt weer eens een rivier in een verder uitgedroogd en verlaten landschap. Tijdens de gebruikelijke instant noodles voor lunch worden we bijna overvallen door een regenbui, maar weten we tegen een gebouwtje te schuilen.

Kijk, mooi uitzicht !

Bij puur toeval volgen we het advies om boven de 3000m niet meer dan 500m per dag te stijgen en zetten we tegen de avond en uitgeput de tent op 3490m op naast de weg.

De volgende dag stijgen we, wederom voorbeeldig, naar de 4030m en komen op een hoogvlakte uit richting het zoveelste checkpoint. Deze variant wordt bemand door militairen. De Vlamingen in Langar hebben ons gewaarschuwd dat deze de bagage proberen te doorzoeken of openlijk vragen om messen en dergelijke, om deze dan “in beslag te nemen”. We laten een beeld achter van Nederlanders als onwaarschijnlijk domme mensen die niet eens gebarentaal snappen, maar na een klein half uurtje ongemakkelijk schouders ophalen en elkaar dom aankijken worden we doorgelaten zonder spullen kwijt te raken.

Tot nu toe is onze ervaring bij de checkpoints positief, vaak worden we door de politie vriendelijk behandeld, in sommige gevallen met humor, in een geval kregen we zelfs lunch aangeboden na het tonen van paspoort en documentatie.

We trappen nog een stukje omhoog om buiten het zicht van de militairen neer te strijken op een idyllisch gelegen “alpenweide” van dik gras, met een kabbelend stroompje, in de verte wat koeien en ezels, en… veel bergmarmotten. Terwijl we de weide betreden waarschuwen deze elkaar met schrille geluidjes over de aanwezigheid van de indringers. Volgegeten voor de komende koudere tijd zijn het koddige, rennende beesten. Als we de tent hebben opgezet en rustig in onze stoeltjes zitten, voelt een aantal zich zelfs zo veilig dat ze op enige afstand wat met elkaar ravotten. Aan het begin van de avond komen de koeien en ezels langs lopen, om ons te passeren en zelf over de weg teruglopend naar waarschijnlijk een paar verderop gesitueerde gebouwtjes.

Prachtige kampeerplek net onder de Khargush pas

We koken een maaltijd, wassen onszelf en het kookgerei in het stroompje en kruipen in de tent. Het plan om op deze hoogte zonder lichtvervuiling eens heel veel sterren en de melkweg te kunnen zien kan niet op tegen de omstandigheden. Het is op deze hoogte al snel fris, en de inspanning van het fietsen over slecht wegdek zorgt er voor dat de meeste fietsers erg vroeg in bed liggen.

Na een vredige nachtrust pakken we de klim richting de pas weer op. Tot onze opluchting zijn de resterende 300 hoogtemeters over de bergpas niet heel stijl en over redelijk begaanbare ondergrond. De top is een tikje een anticlimax: er is geen bordje, de weg vlakt uit en daalt in de verte. Een andere teleurgestelde ziel heeft wat stenen opgestapeld ter indicatie wat de GPS bevestigd: we zitten op 4310 meter. Slechts 500 meter lager dan de hoogste berg van Europa, op de fiets. Om ons heen zien we nog steeds bergtoppen. Eigenlijk geen verrassing in een land waar de hoogste berg meer dan 7700m hoog is.

Perfecte weerspiegeling in een meertje

Het bereiken van een bergpas doet geloven dat aan de andere kant een glorieuze afdaling volgt. Niets is echter minder waar, we fietsen over hoogvlaktes, stijgen en dalen en de dramatisch mooie uitzichten gaan gepaard met nog veel dramatischer wegdek. Stuiterend, uitglijdend en ploegend banen we ons een weg. Sommige stukken lijken op een gigantische kattenbak met rul grind. Met de bredere banden en stabiliteit van onze nieuwe fietsen en heel veel energie kunnen we nog door veel heen blijven fietsen, maar af en toe zit er niets anders op dan afstappen en de fiets door zand of grind, of een hele steile helling op, te duwen.

Op ruim 4000 m is het frisjes

Wanneer het hijgen als een blaasbalg en het hamerende hart tot rust gekomen zijn, valt de enorme stilte op deze hoogvlaktes op. De lucht heeft een geweldig mooie blauwe tint, anders dan we ooit eerder gezien hebben. Ook hier geldt weer dat het afzien wordt gecompenseerd door de fantastische landschappen, de kleuren en contrasten zijn enorm uitgesproken. De zonsondergangen schilderen prachtige kleurschakeringen over de bergtoppen en -hellingen, en de paar aanwezige wolken geven de weidsheid een nog grotere dimensie door in de hoogte in verschuivende kleuren in hoog contrast met het strakke blauw uit te reiken naar de met sneeuw bedekte toppen van de bergen in de verte.

Het is hier oorverdovend stil

De eenzaamheid is een ongekende ervaring. Heel zeldzaam duiken andere reizigers op, ingewanden herschikkend op de motor of rond stuiterend in de auto. Iedereen vraagt of alles in orde is, of we nog iets nodig hebben. Een auto met Barcelonese touristen wint onze eeuwige dankbaarheid met het geschenk van twee sinaasappels en een tomaat.

ongekend weidse uitzichten

Toch enigszins onverwacht bereiken we plotseling, op 4 aug rond 2 uur ‘s middags, het asfalt van de M41. De weg ligt in een weids uitzicht over een in de diepte liggend zoutmeer. In tegenspraak met de verwachting (lees: hoop) gaat de weg omlaag naar Alichur en omhoog richting Khorogh. We hadden inmiddels al besloten om toch niet eerst de 50km omweg naar Alichur te rijden. Om zo snel mogelijk bij Everhard te kunnen zijn, slaan we direct af naar links, terug naar Khorogh. We hebben net niet voldoende water, maar voldoende proviand voor de komende 60km desolaatheid, gespeend van bewoning en winkeltjes.

Enigszins mopperend klimmen we over het asfalt omhoog. Bij een uitzichtpunt staan vier 4WD’s en een van de chauffeurs van de groep rondgereden toeristen geeft ons twee flessen water. Naast de teleurstelling dat we de M41 eerst nog omhoog moeten fietsen ,houdt ook het ons beloofde en zeer geliefde asfalt na een luttele paar kilometers op. Op lage energie reserves proberen we nog een stuk te fietsen, maar geven uiteindelijk op, en zetten de tent op onder aan de “dijk” van een parallelweg. De hoop enigszins de wind die deze vlaktes visiteert te kunnen ontwijken blijkt ijdel. We omringen de brander met fietstassen als een windbreker, koken een maaltje en vallen uitgeput in de tent.

Winderige camping langs de M41

De volgende dag hervatten we met enige wanhoop het zwoegen over de weg, we klimmen uiteindelijk weer naar bijna 4300m hoogte. De weg valt af en toe een eenzame weidse vallei in, klimt daar weer uit en gaat verder naar de volgende vlakte, vallei of doorgang tussen de bergen door. In Jelondy lijkt in een “sanatorium” plaats te zijn voor overnachtende reizigers. We voelen ons enigszins rijp voor een instituut, maar besluiten toch door te zetten. Meer dan 60km zit er echter toch niet in. Op een i-overlander aangeraden spot zetten we de tent op met de verwachting dat we water kunnen halen uit de rivier. We horen de rivier, maar deze wordt fanatiek afgeschermd door dichte begroeiing van bomen en doornstruiken. Het water van de rivier blijkt onbereikbaar. We hebben geen puf meer om 3km verderop water te gaan halen en rantsoeneren onszelf een klein beetje. In deze context maakt Albert meer rijst klaar om ook als ontbijt te kunnen eten. Elma is  zeker geen fan van de gekookte havermout die we normaal voor ontbijt naar binnen werken, dus een win-win situatie. Helaas blijkt de toegevoegde soeppoeder goed van geur, maar waarschijnlijk bedoelt voor 5L soep. De maaltijd is namelijk zo zout dat we het moeten opgeven en een flink deel van de rijst doneren aan de natuur. ‘s nachts blijkt de hoeveelheid zout geen probleem voor een onbekend dier, want eenmaal ontwaakt blijkt alles schoon opgegeten.

We breken onze bivak weer op, vullen 3 km verderop ons water aan uit een bergbeek en bereiken een fikse afdaling. Tijdens een praatje met een aantal omhoog zwoegende franse fietsers horen we dat onderaan deze afdaling toch echt het asfalt begint en tot Khorogh doorloopt. Inderdaad rollen onze wielen eindelijk op beter wegdek. Wat volgt is een aangename route langs de rivier, met aan beide kanten hoog oprijzende bergen.

Asfalt

De doorgaande hoofdweg is meestal volledig verlaten en wordt af en toe onverwacht smal, zoals bij een bruggetje waar het super heldere blauwe rivierwater zich samenvoegt met uit de bergen donderende bruine rivier. De scheiding van beide kleuren is heel goed te zien, maar de mooie blauwe kleur wint het niet van het zand in het andere water.

Afdaling over de M41

We maken goede voortgang en besluiten te kijken hoe we ons voelen bij 60, 80 en 90km. Om vandaag uit te komen in Khorogh moeten we 120km fietsen, iets wat ons nog wat ambitieus lijkt. Inmiddels duiken af en toe dorpjes op, en bij een “magazin” kopen we chocolaatjes en RC cola. Mogelijk bestaat er nog analfabetisme, want de meeste winkels zijn voorzien van een bord met daarop afbeeldingen van de verkochte waren.

Typisch “magazin”

Bij een van deze winkels komen we twee Iraniërs op de fiets tegen, waarvan een fietst met een aanhanger met daarin een hond. We herinneren ons een post in de whatsapp group van deze mensen. We proberen een praatje, maar hun Engels is niet toereikend genoeg. In de loop van de dag raken we steeds optimistischer: misschien halen we toch vandaag nog Khorogh. We nemen voldoende pauze en door het betere doorgaans dalende wegdek zit het tempo er goed in. Plotseling verdwijnt het asfalt en zien we een gevreesd bord, gelijkend op die van de Chinese wegwerkzaamheden. 25Km voor Khorogh is de weg ook periodiek afgezet. Met behulp van een aan de weg wonend Engels sprekend meisje weten we duidelijk te maken dat we toch graag door willen fietsen. Het wordt ons duidelijk gemaakt dat we voorzichtig moeten zijn en moeten letten op vallend gesteente. De wegwerkers staken even hun werk, en gelukkig is de lengte van de werkzaamheden niet lang, want ook hier lijkt het alsof we elk moment onder het puin bedolven kunnen worden.

De frequentie van bebouwing worden hoger, we vragen ons alleen af of een flinke puist in de hoogtekaart nog moet komen. Helaas blijkt die vraag positief beantwoord te worden: na het zoveelste checkpoint klimt de weg steil omhoog, om vervolgens via galerijen (halfopen tunnels) weer af te dalen. Bij het bord van Khorogh sturen we Everhard hier een foto van, de beloofde slingers kunnen opgehangen worden, we zijn er bijna.

we zijn er bijna !

Dat bijna blijkt nog een 8km te duren, maar dan rollen we ook na een laatste korte steile klim  de Pamir Lodge binnen. Tot onze opluchting ziet Everhard en stuk meer opgeknapt en energiek uit, en durft hij het zelfs aan om ons na de stoffige vier dagen wildkamperen te omhelzen.

Nu eerst opfrissen, uitrusten en dan nieuwe plannen maken.

Voor een interactieve variant: http://www.friendly.net/tj/wakhan-m41/

3 gedachtes over “Door de Wakhan en over de Khargushpas naar de M41

  1. Ik lees deze bjidrage wat laat, want zelf net terug van mn wandelvakantie in de Pyreneeën. Daar vond ik het (voormalig gletsjer)landschap al groots, indrukwekkend en mooi, maar dit gaat er qua gebergte en weidsheid wel even een graadje overheen…. !!! Beautiful!!

    Like

Geef een reactie op grumpyoldcyclist1962 Reactie annuleren